Open overheid nu! http://www.openoverheid.nu sociale media en de overheid posterous.com Fri, 11 May 2012 06:57:00 -0700 Open koffie 7 juni: een handreiking sociale media voor de Vlaamse overheid http://www.openoverheid.nu/open-koffie-7-juni-een-handreiking-sociale-me http://www.openoverheid.nu/open-koffie-7-juni-een-handreiking-sociale-me

"Hoe kan ik sociale media verstandig gebruiken, zeker als ambtenaar? Waar moet ik rekening mee houden als ik straffe uitspraken doe op Facebook? Kan ik vrij mijn mening geven in een maatschappelijk debat, of is dat eerder iets voor onze woordvoerder?"

Iedere ambtenaar die sociale media gebruikt, zal zich vroeg of laat dat soort vragen stellen.

Op 7 juni stellen we graag onze handreiking sociale media aan u voor. Die geeft aan hoe u als ambtenaar met verstand omgaat met sociale media. Tegelijk vertellen we u over onze verdere plannen en over een aantal initiatieven rond sociale media bij de Vlaamse overheid.

Als gastspreker hebben we deze keer Paul De Ligne van de Vlaamse Landmaatschappij uitgenodigd. Paul werkt bij de VLM al langer met sociale media. Hij heeft er bijvoorbeeld al een social media policy ontwikkeld. Paul vertelt u hoe ze die geïntroduceerd hebben. Hij geeft u ook praktische tips om in uw organisatie aan de slag te gaan met een handreiking sociale media.

Zoals altijd krijgt u ruim de tijd om vragen te stellen en te netwerken. We voorzien natuurlijk koffie met gebak. De open koffie staat open voor iedereen die geïnteresseerd is in de overheid en sociale media, en is helemaal gratis.

 

Praktisch

7 juni 2012 van 14u tot 16u
ABC-huis, Gaucheretplein 13, 1030 Brussel
Schrijf u hier in

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Fri, 27 Jan 2012 06:24:00 -0800 Verslag van Open koffie 4 http://www.openoverheid.nu/verslag-van-open-koffie-4 http://www.openoverheid.nu/verslag-van-open-koffie-4

Op onze vierde open koffie sprak Tom Geerts van De Lijn over hun toepassingen voor mobiel internet. De Lijn heeft zowel een app voor iPhone als een mobiele site gemaakt. Binnenkort komt er ook een Androidversie van de app.

Reisinformatie is voor de klanten van De Lijn primordiaal. Zij willen vooral weten waar de haltes zijn, hoe laat hun bus rijdt, hoeveel vertraging die heeft, enzovoort. Die vragen zijn maandelijks goed voor ongeveer 3 miljoen raadplegingen op www.delijn.be en voor 55.000 telefoontjes naar het callcenter. 

Die telefoontjes waren meteen ook de aanleiding om met het mobiele aanbod te starten. Eén telefoontje beantwoorden kost een vijftal euro. Al die telefoontjes samen kosten per jaar een gigantische smak geld. Door reizigers met een smartphone zelfredzaam te maken kan De Lijn de kost per contact gevoelig verlagen.

Een andere reden om het project te starten is het verbeteren van de reizigersinformatie. De Lijn weet uit internationale studies dat het aantal reizigers kan toenemen met 5 à 10 % door betere informatie. En in Nederland, dat op vlak van reizigersinformatie altijd voorloopt, krijgt het openbaar vervoer vandaag al meer mobiele aanvragen voor reisinformatie dan ‘gewone’ online aanvragen. 

Voor het ontwikkelen van het mobiele aanbod is De Lijn vertrokken van de typische vragen rond reisinformatie. Hun uiteindelijke doel was een mobiele one stop shop aanbieden waar reizigers niet alleen antwoorden op hun vragen kunnen vinden, maar waar ze bijvoorbeeld ook meteen een ticket kunnen kopen.

Zowel een app als een mobiele site kunnen de zelfredzaamheid van de klanten verbeteren. De Lijn heeft gekozen voor de twee:

  • Een app heeft als voordeel dat je gebruik kan maken van de functies van het toestel: bijvoorbeeld gps, sms, de contactlijst, ...  
  • Het grote voordeel van een mobiele site is dan weer dat ie niet aan één platform gebonden is maar op alle toestellen geraadpleegd kan worden.  

De keuze voor een platform was snel gemaakt: 61% van alle smartphones die www.delijn.be bezochten waren iPhones.

De ontwikkeling van de iPhone app duurde van november 2010 tot september 2011. Een app maken kan eigenlijk op 9 weken, maar De Lijn stelde hoge eisen op het vlak van gebruiksvriendelijkheid, waardoor de applicatie zeer grondig getest is. De ontwikkeling werd toegewezen via een raamcontract. Het totale budget voor de iPhone app en de mobiele site was ongeveer 160000 euro. 

De app werd gelanceerd op 14 september 2011. Er zijn tot nu al meer dan 57000 downloads geweest. Op 4 maand tijd hebben 4 op 5 reizigers van De Lijn met een iPhone de app geïnstalleerd. Voor de mobiele site zijn de gebruikscijfers een stuk lager. Dat heeft wellicht met de gebruiksvriendelijkheid te maken. 

Word of mouth en word of mouse zorgden ervoor dat de iPhone app enorm gepromoot werd. Het succes was navenant: in de eerste paar weken na de lancering stond De Lijn op de eerste plaats in de app-store van Apple bij de gratis toepassingen. 

Hieronder vind je de presentatie van de open koffie. Als je aanvullingen hebt, reageer dan gerust!

 

 

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Thu, 22 Dec 2011 01:25:00 -0800 Open koffie 26 januari: to app or not to app? http://www.openoverheid.nu/open-koffie-26-januari-to-app-or-not-to-app http://www.openoverheid.nu/open-koffie-26-januari-to-app-or-not-to-app

De mobiele evolutie gaat met rasse schreden vooruit. Als communicatiemedewerker sta je voor een heleboel vragen: moet je je bestaande site aanpassen zodat die ook voor mobiel gebruik geschikt is? Moet je een aparte mobiele site opzetten? Of bouw je beter een app? En kies je dan beter voor Android of voor iOS? Hoeveel kost de ontwikkeling daarvan? … Allemaal vragen waar we een antwoord op willen geven op onze volgende open koffie. 

Als gastspreker hebben we Tom Geerts van De Lijn uitgenodigd. De Lijn heeft sinds kort immers een mobiele site, maar ook een app voor verschillende platformen. Tom Geerts kan je dus perfect vertellen welke keuzes De Lijn gemaakt heeft en waarom. Hij geeft je meteen ook een aantal praktische tips mee.  

Na de spreekbeurt van Tom krijg je ruim de tijd om vragen te stellen en te netwerken. We voorzien een broodjeslunch. De open koffie staat open voor iedereen die geïnteresseerd is in de overheid en sociale media, en is helemaal gratis.

 

Praktisch

26 januari 2012 van 11u tot 13u

Creativity Lab, Flanders DC, Diestsevest 76, 3000 Leuven 

Broodjeslunch is inbegrepen

De inschrijvingen zijn afgesloten

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Mon, 26 Sep 2011 07:41:00 -0700 Vlaamse overheid kiest voor open data http://www.openoverheid.nu/vlaamse-overheid-kiest-voor-open-data http://www.openoverheid.nu/vlaamse-overheid-kiest-voor-open-data

De Vlaamse overheid zal vanaf nu resoluut voor open data kiezen. Dat betekent dat ze zoveel mogelijk gegevens beschikbaar maakt in een formaat dat iedereen kan bekijken. De eerste open datasets zullen beschikbaar zijn vanaf 2012.

Dankzij de open data zullen ontwikkelaars gemakkelijker allerlei applicaties kunnen ontwikkelen die het leven van de burger gemakkelijker maken. Ze kunnen bijvoorbeeld een programma maken dat je waarschuwt wanneer je je vuilnis moet buiten zetten, of een applicatie op je smart phone die je vertelt hoe je het snelst van punt A naar punt B geraakt met het openbaar vervoer. Andere toepassingen vind je elders op deze blog.

Daarnaast zullen diensten binnen de Vlaamse overheid ook gemakkelijker gegevens kunnen uitwisselen en zal dus ook de overheid efficiënter worden. Doordat alle burgers de gegevens zullen kunnen bekijken, wordt de overheid ook transparanter.

Om open data in te voeren, zal de Vlaamse overheid de volgende principes hanteren:

  • open data wordt de norm binnen de Vlaamse overheid 
  • hergebruik van open data is toegestaan 
  • open data maakt gebruik van open standaarden 
  • open data komen zo veel mogelijk uit authentieke gegevensbronnen 
  • open data beschikbaar stellen gebeurt volgens een integrale benadering 
  • bedrijfsinformatie over de Vlaamse overheid komt in een centraal repertorium.

De beslissing om in te zetten op open data vloeit voort uit de ViA-rondetafel i-Vlaanderen van 17 december 2010. De deelnemers waren het er toen unaniem over eens dat de Vlaamse overheid dringend moest inzetten op open data. Het volledige verslag van die rondetafel kun je hier downloaden.

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Wed, 08 Jun 2011 06:18:00 -0700 Communicatiejaarverslag van de Vlaamse Regering opnieuw in wiki gemaakt http://www.openoverheid.nu/communicatiejaarverslag-van-de-vlaamse-regeri http://www.openoverheid.nu/communicatiejaarverslag-van-de-vlaamse-regeri

Sociale media vinden langzaam maar zeker ingang in de Vlaamse overheidscommunicatie. De Vlaamse overheid kiest ook steeds vaker voor coproducties en redactionele samenwerking met mediapartners, in plaats van enkel mediaruimte te kopen. En er is meer en meer oog voor duurzaamheid: milieuvriendelijkheid en effect op lange termijn.  

Dat blijkt uit het jaarverslag over de Vlaamse overheidscommunicatie in 2010.

Net zoals vorig jaar werd het jaarverslag weer gemaakt in de vorm van een wiki. Dat is efficiënter: er wordt jaar na jaar verder gebouwd. De communicatieambtenaren van de verschillende entiteiten van de Vlaamse overheid schreven elk de artikels over hun entiteit. De afdeling Communicatie van het Departement Diensten voor het Algemeen Regeringbeleid zorgde voor de coördinatie en de afwerking.

Het eerste deel van het jaarverslag gaat over het algemene communicatiebeleid van de Vlaamse overheid: de beleidsdoelstellingen, de aanpak van bijzondere doelgroepen, crisiscommunicatie, het reputatiemanagement, de organisatie van de communicatie, het persbeleid, de media-aankoop,… Het tweede deel gaat dieper in op de communicatie in alle beleidsdomeinen. 

Je kunt het jaarverslag lezen op www.vlaanderen.be/communicatiejaarverslag. Met een klik op de term 'sociale media' krijg je meteen alle artikels over dat thema te zien.

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Tue, 31 May 2011 01:18:00 -0700 Federale overheid brengt richtlijnen sociale media uit http://www.openoverheid.nu/federale-overheid-brengt-richtlijnen-sociale http://www.openoverheid.nu/federale-overheid-brengt-richtlijnen-sociale

Onze collega’s van de federale overheid volgen net als ons de evoluties in sociale media op. Vorig jaar wijdden ze hun ontdekkingsdag voor communicatiemedewerkers en -verantwoordelijken aan het thema Administratie 2.0. Op het debat van die dag bleek dat de federale ambtenaren nood hadden aan aanbevelingen, richtlijnen en tips bij het gebruik van sociale media. 

Die zijn er nu, en wel in de vorm van een COMM Collection. Dat zijn publicaties over belangrijke thema’s in overheidscommunicatie. Met deze editie willen ze collega’s die aan de slag willen met sociale media een eind op weg helpen. Je kunt de COMM Collection 21: Richtlijnen bij het gebruik van sociale media hier downloaden: http://www.fedweb.belgium.be/nl/publicaties/cc21_sociale_media.jsp.

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Fri, 27 May 2011 02:35:00 -0700 Verslag van Open koffie 3 http://www.openoverheid.nu/verslag-van-open-koffie-3 http://www.openoverheid.nu/verslag-van-open-koffie-3

Op de derde Open koffie hadden we Clo Willaerts als gast. Clo (@bnox op Twitter) is bekend van haar boek 'Het Conversity Model. Winst maken met social media’. Dat Conversity model bestaat uit vier pijlers:

  • Observatie: het monitoren van sociale media, de conversatie volgen
  • Conversatie: de dialoog aangaan met klanten en burgers
  • Conversie: die dialoog omzetten in een actie (vb. een verkoop, een inschrijving, …)
  • Innovatie: de invloed van sociale media op bijvoorbeeld productontwikkeling of human resources.

 

De principes van het Conversity model zijn vrij eenvoudig, maar de theorie in praktijk omzetten is niet evident. Als overheid ben je bezig met beleid op lange termijn, bijvoorbeeld een beleidsnota die 5 jaar bestrijkt. De burger wil echter geholpen worden met zeer praktische zaken: een gat in de weg, een subsidieaanvraag, ... De overheid moet dus veel inspanningen doen om die burger echt aan te spreken. En zelfs dan blijft het moeilijk: zo staat de aanpak van USA-president Obama te boek als een schoolvoorbeeld van slim gebruik van sociale media, maar zelfs hij slaagt er niet altijd in om met zijn boodschap het grote publiek te bereiken. Om maar een voorbeeld te geven: Obama speecht elke week op YouTube, maar zijn meest bekeken filmpje is … dat van Obama die een funky dansje doet in de Ellen show. 

Kortom: gemakkelijk is het niet. Maar toch bieden sociale media kansen voor overheden. Zeker voor overheden die dicht bij de burger staan. Zo moest een burgemeester vroeger allerhande cafés en markten afschuimen om de stem van het volk te horen; vandaag geven burgers hun mening op Facebook en hoeft de burgemeester de conversatie maar te volgen om te weten hoe burgers reageren op het stadsbeleid.

Clo ging daarna kort in op een paar overheidsinstellingen die volgens haar slim met sociale media omgaan. 

Als eerste voorbeeld gaf ze Flanders DC. Ze toonde ons in avant-première de nieuwe site van Flanders DC. Daarbij blijft de eigen website de centrale communicatiehub, maar zijn er links naar alle relevante sociale media. Zo krijg je een hybride model waarin de voordelen van zowel een eigen site (zelf beheerde content) als sociale media (interactiviteit) optimaal gecombineerd worden. 

Het tweede voorbeeld dat we te zien kregen was Flanders Investment & Trade (FIT). Clo toonde de twitterpagina van FIT, die vaak berichten van middenveldorganisaties of andere overheidsinstellingen retweet en ermee in interactie gaat. FIT is zich bewust van het ecosysteem waarin ze zitten en kijkt over de grenzen van de eigen organisatie heen, om samen aan dezelfde kar te trekken. Zo retweeten ze bijvoorbeeld regelmatig berichten van Flanders DC. Daarnaast werkt FIT ook met een aantal mijlpalen, zoals de prijsuitreiking van de Leeuw Van de Export. In hun website en sociale mediakanalen werken ze heel bewust naar die mijlpalen toe, onder andere door tijdelijk de vormgeving van de pagina's te veranderen.

Clo hamerde erop dat duidelijke, meetbare objectieven een must zijn om sociale media effectief te gebruiken: inschrijvingen, bezoekers, brand awareness … zolang je er maar goed over nadenkt wat je wil bereiken. 

Als je succesvol wilt zijn in sociale media, moet je iets in handen hebben dat de mensen aanspreekt. Jouw organisatie, je topambtenaar of jouw beleidsdoelen zijn dat meestal niet: voor de buitenstaander is dat meestal ronduit saai. Clo gaf ons een paar tips over hoe het wel kan. Je kunt bijvoorbeeld proberen om een een herkenbaar thema te claimen. Herkenbare thema's spreken immers meer tot de verbeelding dan organisaties of beleidsdoelen. Wanneer je erin slaagt om als het ware de 'curator' van een thema te worden, dan lok je iedereen die daarin geïnteresseerd is.

Daarnaast wees Clo erop dat het persoonlijke zeer belangrijk is in social media. Mensen zijn eerder geneigd om andere mensen te volgen dan merken en bedrijven. En hoe echter die mensen, hoe beter. Zo bleek uit onderzoek dat surfers op Facebook eerder een zangeres gaan volgen als die aangeprezen wordt met een gewone foto (genomen met een smartphone, een beetje wazig, zonder make-up) dan met een ‘perfecte’, geënsceneerde foto. De overheid kan in zijn aanpak gebruik maken van een BV, een 'rockstar politician' in Clo's woorden. Al zit je natuurlijk wel in de puree wanneer die beroemdheid dingen uithaalt waarmee je jezelf niet wilt associëren.

 

>> Aanvullingen op dit verslag zijn welkom in de comments! Op de blog van Paul De Ligne vind je nog een paar andere posts over deze Open koffie.

 

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Thu, 28 Apr 2011 03:08:00 -0700 24 mei: Open koffie 3 http://www.openoverheid.nu/24-mei-open-koffie-3 http://www.openoverheid.nu/24-mei-open-koffie-3
Voor onze volgende Open koffie hebben we niemand minder dan Clo Willaerts uitgenodigd. Clo is niet alleen de opper-girl geek maar ook een social media experte en hoofd van haar eigen business unit bij Sanoma: Conversity. Vorige maand bracht ze haar boek Het Conversity Model. Winst maken met social media uit. Daarin beschrijft ze hoe bedrijven winst kunnen maken met sociale media. Maar wist je dat Clo ook veel ervaring heeft met overheden? Ze werkte onder andere voor Flanders Investment & Trade en Flanders DC

Tijdens de Open koffie zal Clo vanuit haar praktijkervaring spreken over hoe overheden een dialoog met de burger kunnen aangaan. Sociale media zijn volgens Clo een kans voor overheden om breder en dieper te communiceren, maar ook om te weten wat de burger met die communicatie doet en wat hij ervan vindt.

Naast Clo hebben we ook Steffi Van Severen van Flanders Investment & Trade en Koen Peeters van Flanders DC uitgenodigd, die Clo’s verhaal zullen aanvullen en die klaarstaan om je vragen te beantwoorden.

De Open koffie staat open voor iedereen die geïnteresseerd is in de overheid en sociale media. 

Praktisch

24 mei van 12 tot 14u
auditorium Maria Baers, Martelaarsplein 7, 1000 Brussel
Broodjeslunch is inbegrepen

>> De inschrijvingen zijn afgesloten. Hou deze blog in de gaten voor de volgende Open koffie!

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Thu, 28 Apr 2011 02:59:00 -0700 Vlaamse overheid zet crowdsourcing in voor ruimtelijke ordening http://www.openoverheid.nu/vlaamse-overheid-zet-crowdsourcing-in-voor-ru http://www.openoverheid.nu/vlaamse-overheid-zet-crowdsourcing-in-voor-ru

Vandaag lanceert het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed (RWO) van de Vlaamse overheid een grootschalige burgerbevraging. Op www.ruimtevoormorgen.be kunnen alle burgers ideeën posten over de ruimtelijke ordening van steden en platteland en over hoe we de ruimte slimmer kunnen gebruiken. De suggesties die burgers op de digitale ideeënmuur zetten kunnen ze bovendien meteen delen op Twitter of Facebook. 

Daarnaast is er ook een zelftest voorzien waarmee je kunt kiezen hoe je ideale leefomgeving er uitziet: zoals Vlaanderen nu, zoals Freiburg of pakweg zoals het Deense gehucht Dyssekilde? 

Ook offline zal de discussie verder gezet worden, tijdens een brainstorm in het Vlaams Parlement.

Het initiatief voor de burgerbevraging kadert in de opmaak van een nieuw Beleidsplan Ruimte. Het Departement RWO wil burgers stimuleren om over ruimtelijke thema’s na te denken en hen een stem geven in het debat.

Rwo_br_logo_baseline_200px

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Wed, 02 Mar 2011 01:54:00 -0800 Het sociale intranet van Rijkswaterstaat http://www.openoverheid.nu/het-sociale-intranet-van-rijkswaterstaat http://www.openoverheid.nu/het-sociale-intranet-van-rijkswaterstaat

Sociale media en intranetten gaan perfect samen. Rijkswaterstaat in Nederland heeft al zo'n sociaal intranet. Communicatieadviseur Gabby Voncken legt uit waarom. 

Hoewel sociale media een hype is, wordt er merkwaardig genoeg weinig gesproken of gepubliceerd over sociale intranetten. Nochtans lenen intranetten zich perfect tot een web 2.0-aanpak: samenwerken aan documenten, kennis uitwisselen, mensen met hetzelfde interesseveld leren kennen … Waar komt dat meer van pas dan in grote bedrijven of organisaties?

Bij de Vlaamse overheid zijn we volop bezig met de voorbereidingen van zo’n sociaal intranetplatform. Maar ook bij andere overheden beweegt er wat. Bij Rijkswaterstaat in Nederland bijvoorbeeld. Dat is het uitvoerende agentschap van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, dat het nationale netwerk van wegen en vaarwegen beheert. Daar hebben ze een  knap platform gebouwd: personaliseerbaar, interactief, sociaal. Zo kun je zelf je homepagina samenstellen en kun je volgen wat je collega’s zeggen op Yammer. Maar je kunt ook zelf artikels aanmaken of reageren op die van anderen.

We vroegen Gabby Voncken bij Rijkswaterstaat naar het waarom, hoe en wat van hun sociaal intranet. Maar eerst geven we je een kleine introductie met dit filmpje:

Open overheid nu (OON): Waarom een sociaal intranet?

Gabby Voncken, Rijkswaterstaat: Het intranet is een van de belangrijkste interne communicatiemiddelen van Rijkswaterstaat. Met het intranet willen we vier strategische doelstellingen waarmaken: Informeren, ondersteunen, verbinden en participeren. Er zit heel veel kennis bij de medewerkers, die willen we met elkaar verbinden om zo een toegevoegde waarde voor de organisatie en daarmee ook de maatschappij te verkrijgen. Een sociaal intranet is voor ons dé manier om deze doelstellingen te behalen.

OON: Hoe hebben jullie dat aangepakt?

Gabby: Op 27 april 2010 is het nieuwe intranet in gebruik genomen. Dat betekende een nieuw platform op basis van open source technologie, gebaseerd op het intranet van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Dat was de eerste stap. Sociale functies waren er toen al bij: medewerkers konden toen al reageren op alle pagina’s. Op 7 december 2010 hebben we dan ook  Yammer geïntegreerd, waarmee ons intranet nog een stuk socialer is geworden.

OON: Hoeveel mensen gebruiken jullie intranet?

Gabby: Alle mensen die bij Rijkswaterstaat werken kunnen het intranet gebruiken, dat zijn er iets meer dan 9000.

Printscreen_intranet

OON: Hoe hebben jullie de werknemers warm gemaakt voor het intranet? 

Gabby: Het filmpje (dat hierboven staat, red.) is gebruikt op de dag dat we live zijn gegaan. We wilden daarmee het gebruik stimuleren en vergemakkelijken. Voor de release van het nieuwe intranet hebben we een activatiecampagne gevoerd. Die bestond uit een intense en actieve communicatie met de intranetbeheerders bij de diensten, met onder andere bijeenkomsten en nieuwsbrieven. Daarnaast hadden we ook een digitaal magazine. Tijdens de laatste week voor de nieuwe release hebben we de startpagina’s van de oude intranetten laten afbladderen: de randen van het oude intranet bladderden iedere dag een stukje verder af waardoor je al een glimp van het nieuwe intranet kon opvangen. Uiteraard engageerde het bestuur van Rijkswaterstaat zich om eraan mee te werken. Het management was dus eigenlijk mede-afzender, en dat geeft gewicht.

OON: Wat waren de eerste reacties op het nieuwe intranet?

Gabby: De eerste geluiden waren positief; er kwamen heel wat complimenten binnen. Mensen moeten wel wat wennen aan de nieuwe mogelijkheden, maar juist door de sociale component kunnen opmerkingen makkelijk worden doorgegeven en geeft dit ook de mogelijkheid het intranet verder te verbeteren. Ondertussen hebben we al meer dan 5000 collega’s op Yammer!

OON: Wat zouden jullie nog willen verbeteren?

Gabby: Er loopt nu nog een project om de informatie op intranet beter in te vullen, zowel qua structuur als inhoud. We bekijken of de content volledig is en toegankelijk genoeg, zodat de gebruiker de informatie snel en volledig bij de hand heeft. Qua ontwikkeling staat de verdere integratie van social media op de planning. We willen het kennisdelen nog meer stimuleren en gaan daarom de homepage nog verder ontwikkelen. Hierbij maken we actief gebruik van input van de gebruikers. 

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Tue, 22 Feb 2011 06:50:00 -0800 To app or not to app? http://www.openoverheid.nu/to-app-or-not-to-app http://www.openoverheid.nu/to-app-or-not-to-app
In een interview met De Morgen houdt federaal Minister van Ondernemen Vincent Van Quickenborne een pleidooi voor open data:

"[Open data] vind ik een prioriteit. Als overheid moeten we alles wat we hebben aan gegevens via het internet beschikbaar maken. Niet alleen uit principe, maar ook omdat daar heel wat rond kan worden gebouwd. Er zit data bij economie, justitie, sociale zekerheid, mobiliteit, enzovoort. Als je daar software-ontwikkelaars op loslaat, gaan ze allerlei producten ontwikkelen die veel toegevoegde waarde bieden. De overheid moet die openheid omarmen, in plaats van er schrik voor te hebben. Volledige openbaarheid van bestuur: we moeten dat doen, en België moet daar een voortrekker in zijn.” 

We horen het hem graag zeggen, want zoals je al op deze blog kon lezen, zijn er met open data heel mooie dingen te realiseren.

De minister wijst er ook op dat de publieke sector in België compleet achterstaat wat het ontwikkelen van applicaties voor smartphones betreft. En inderdaad: in vergelijking met het buitenland valt het in ons land dik tegen. 

Maar er valt ook wel wat te zeggen tégen apps. Heeft het bijvoorbeeld wel nut om (belastings)geld te investeren in apps voor een (voorlopig) beperkt publiek? Een publiek dat bovendien meestal vrij goed op de hoogte is van overheidsaangelegenheden? Is een app bouwen op die manier niet gewoon een vorm van “empowering the empowered”? Moet de Vlaamse overheid daar op inzetten in tijden van besparingen op de communicatiebudgetten van 20% en meer?

Wij zijn er nog niet helemaal uit. En daarom hadden we graag jouw mening gehoord. Wat vind jij ervan? 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Tue, 15 Feb 2011 09:04:00 -0800 Verslag open koffie 15/02 http://www.openoverheid.nu/verslag-open-koffie-1502 http://www.openoverheid.nu/verslag-open-koffie-1502

Vandaag vond onze tweede open koffie plaats. De open koffies zijn korte informele samenkomsten. Ze staan open voor iedereen die geïnteresseerd is in de overheid en sociale media. 

Op de open koffie van vandaag stond het Communicatiejaarverslag van de Vlaamse Regering centraal, een jaarverslag gemaakt met een wiki. Dat jaarverslag werd gecoördineerd door de afdeling Communicatie van het departement DAR. 

 

Marijke Vrijders beet de spits af en vertelde ons over de strategie achter het jaarverslag. Ze zei ons meteen dat ze bescheiden ging blijven. Een wiki-jaarverslag is immers niet dé waarheid, het is wel een methode die voor de afdeling Communicatie goed werkte. Marijke schetste eerst de context van het jaarverslag: het focust enkel op communicatie, is een officieel document dat formeel aan de Vlaamse regering voorgelegd wordt, en is decretaal verplicht.

Waarom koos de afdeling Communicatie voor een wiki-jaarverslag?

  • De informatie voor het jaarverslag moet van een 100-tal communicatieverantwoordelijken van verschillende entiteiten uit de hele Vlaamse overheid komen. Zij schrijven elk een stukje van het verslag, waar dan nog een algemeen deel aan toegevoegd wordt. De coördinatie daarvan is geen lachertje. Een wiki vergemakkelijkt die coördinatie.
  • Met een wiki leg je het eigenaarschap van een tekst terug bij de redacteur. In dit geval is dat heel logisch, elke communicatieverantwoordelijke schrijft immers over het communicatiebeleid van zijn of haar entiteit. 
  • De Vlaamse overheid streeft naar digitale publicaties (zie o.a. omzendbrief http://communicatie.vlaanderen.be/nlapps/docs/default.asp?id=813)
  • Het is veel logischer om het productieproces af te stemmen op digitaal lezen dan om een papieren product te gaan digitaliseren naar een pdf, zoals vroeger het geval was
  • Een jaarverslag in wiki is sneller: je bespaart veel tijd op eindredactie (we halen er nog wel fouten uit, maar het hoeft allemaal niet zo stilistisch ‘uniform’ te zijn) en op layout. 
  • Het wiki-jaarverslag is lezersvriendelijker: je kan meteen skippen naar wat je interesseert en navigeren via het menu, via de woordenwolk of via de zoekfunctie.

Hoe hebben we het aangepakt?

  • We hebben aan de communicatieverantwoordelijken 18 vragen gesteld, dat is nodig om toch wat structuur in het geheel te brengen.

jaarverslag_2010_vragen.pdf Download this file

  • Vorig jaar was de tekst niet gelimiteerd. In het jaarverslag van dit jaar wel: we hebben beslist om de lengte van de teksten te beperken tot 5000 tekens (ongeveer wat je op een scherm kan zien, evenwicht tussen voldoende tekst om een verhaal te brengen en wat nog behapbaar is voor de lezer)
  • De inhoud is zoveel mogelijk modulair opgebouwd. Er werd van uit gegaan dat de lezer de verschillende tekstblokjes onafhankelijk van moet kunnen lezen, of hij nu zoekt via de navigatie in beleidsdomeinen of via thema’s in de woordenwolk. Als de lezer klikt op een thema krijgt hij zowel de algemene aanpak rond dat thema te zien, maar ook de artikels van verschillende entiteiten die getagd zijn (Die tagging deden we vorig jaar nog zelf, dit jaar kunnen de auteurs kiezen welke tag ze aan hun artikel hangen).

Wat waren de reacties?

  • Die waren vrij positief. 
  • Er waren weinig problement omdat er geen “printje gemaakt kon worden”. Maar sommige zaken moesten wel op papier, bijvoorbeeld de brief naar de Vlaamse regering, waar dan de URL in vermeld werd. De gewoontes van mensen zijn soms moeilijker te doorbreken: mensen willen soms toch een printje “voor op de trein”, enzovoort. Uiteindelijk hebben we het algemene deel gemakkelijk afprintbaar gemaakt.

Was het nu minder of meer werk dan een papieren jaarverslag?

  • De eerste jaren zijn een investering: je moet zoeken en experimenteren
  • Maar het wiki-jaarverslag is duurzamer: eenmaal geïnvesteerd in methode en platform gaat het sneller.

 

 

Na Marijke gaf Vincent Sennesael (@sennesaelium) ons wat meer technische uitleg bij het jaarverslag.

Waarom de keuze voor een wiki in Drupal?

  • Na vergelijking van verschillende wikiplatformen zoals mediawiki, docuwiki en zelfs Sharepoint, bleek dat geen van die platformen alles bood wat we wilden.
  • De voordelen van Drupal ten opzichte van typische wikiplatformen: 
  • Er zijn verschillende inhoudstypes
  • Foto-uploads zijn gemakkelijk, thumbnails worden automatisch gemaakt
  • Er zijn gebruiksvriendelijke rich text editor die bovendien propere html creëren (een voordeel voor o.a. toegankelijkheid en omwerking naar een mobiel formaat).
  • Er is een goed systeem van taxonomieën, in Drupal heb je veel minder manueel werk om dat goed te krijgen
  • Excel sheets kunnen gemakkelijk geüpload worden en gekoppeld worden aan andere zaken, bijvoorbeeld ons organogram waarmee we de menustructuur gecreëerd hebben
  • Een woordenwolk maken is heel gemakkelijk, is gewoon één standaardmodule - geen programmeerwerk
  • Permissiesystemen zijn heel goed en duidelijk 
  • Er zijn ook een paar nadelen: vooral theming, de look & feel bepalen en layout maken is niet zo evident

Hoe evalueren we het systeem nu?

  • We hadden even schrik van de performantie als iedereen tegelijkertijd op het systeem zou zitten, maar dat viel uiteindelijk mee
  • We kregen 15 vragen bij de helpdesk. De weinige vragen die we kregen gingen over
    • inloggen 
    • uploaden van illustraties
    • “ik ben alles kwijt” (bleek uiteindelijk nog wel mee te vallen)
  • Het jaarverslag is niet de grote publiekstrekker, we hebben 38 bezoeken per dag maar de lezers blijven wel vrij lang op de site. Op zich is dat bezoekersaantal niet hoog, maar het is dan ook een specialistisch rapport. En bovendien kunnen we ons niet voorstellen dat het papieren jaarverslag 38 keer per dag gedurende meer dan 2 minuten gelezen wordt … 

Een paar sporen voor de toekomst …

  • We moeten digitale koterij vermijden en kijken hoe we dit jaarverslag kunnen integreren in andere digitale kanalen, initiatieven, … 
  • De wiki zou een constant updatende bron van kennisdeling over communicatie-initiatieven kunnen zijn
  • We werken naar een mobiele versie toe (of op zijn minst mobielvriendelijk), kijken verder ook naar toepassing voor e-readers, iPad, enz.
  • Tot nu is het jaarverslag niet interactief. We zouden commentaarvelden kunnen voorzien en interactiviteit stimuleren.

Een lijstje van de Drupalmodules die gebruikt zijn voor het jaarverslag vind je hier:

jaarverslag_modules.pdf Download this file

 

Wij van Open overheid nu willen de sprekers Marijke en Vincent danken, en de mensen van OVAM voor de gratis locatie en koffie. 

Heb je nog vragen over het wiki-jaarverslag? Dan kun je hieronder reageren of ze stellen in onze LinkedIngroep

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Tue, 18 Jan 2011 05:46:00 -0800 Tijd voor een open koffie! http://www.openoverheid.nu/tijd-voor-een-open-koffie http://www.openoverheid.nu/tijd-voor-een-open-koffie

732128_chairs_and_coffee

Op 15 februari 2011 organiseren we onze tweede open koffie. Dat is een korte en informele samenkomst voor iedereen met interesse in de overheid en sociale media.


Wat staat er op het programma?

We brengen je deze keer een case van de Vlaamse overheid: Marijke Vrijders en Vincent Sennesael - van de afdeling Communicatie van het departement DAR - zullen je namelijk meer uitleg geven over het wiki-jaarverslag dat ze gemaakt hebben. Dat Communicatiejaarverslag van de Vlaamse Regering wordt door veel auteurs geschreven, wat tot voor 2010 veel eindredactie en lay-outwerk met zich meebracht. Door met een wiki te werken, maakten ze het jaarverslag niet alleen duurzamer en efficiënter, maar ook beter aangepast aan digitaal lezen. Want geef toe, zo’n pdf op je website zetten is toch eigenlijk ook niet je dat.

Marijke zal over het opzet en de strategie van het jaarverslag vertellen, terwijl Vincent de technische aspecten zal belichten: de informatie-architectuur in Drupal, het integreren van de wikimodule, enz. En ze vertellen je natuurlijk wat ze geleerd hebben.

Na de spreekbeurt is er ruim tijd om vragen te stellen. We sluiten af met een broodjeslunch.

 

Praktisch

De open koffie vindt plaats op dinsdag 15 februari, van 11 tot 13u. Deze keer zijn we te gast bij de OVAM in de Stationsstraat 110 in Mechelen. Dat is op 5 minuten stappen van het station Mechelen (een wegbeschrijving vind je op de website van OVAM).

 

Inschrijven

De inschrijvingen zijn afgesloten. 

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Fri, 26 Nov 2010 06:12:00 -0800 Veteranen op Facebook: een schoolvoorbeeld voor overheidscampagnes via sociale media http://www.openoverheid.nu/veteranen-op-facebook-een-schoolvoorbeeld-voo http://www.openoverheid.nu/veteranen-op-facebook-een-schoolvoorbeeld-voo

Sociale media worden alsmaar meer ingezet bij overheidscommunicatie. Toch blijft die inzet vaak beperkt tot een saaie Facebookpagina of een twitterprofiel, waar de overheidsorganisatie eigenlijk net hetzelfde doet als vroeger in hun brochures of op hun website: informatie zenden (dat blijkt ook uit dit recente onderzoek). En dat is jammer, want het web is interactief en biedt veel meer mogelijkheden. 

Bij het Instituut voor Veteranen hebben ze het duidelijk wel begrepen. Zij zijn gestart met een project om de herinnering aan gesneuvelde soldaten levendig te houden. Dat project is gericht op scholen. Een oorlog die bijna 100 jaar geleden plaatsvond en dode soldaten? Inderdaad: niet meteen materie waar jonge mensen voor staan te springen. En toch is het Instituut erin geslaagd om meer dan 100 leerlingen actief aan de slag te krijgen rond die thema’s. 

"De bedoeling was om de gesneuvelde soldaten uit de Eerste Wereldoorlog een gezicht te geven, om ze als het ware terug onder de levenden te brengen door hun verhaal op te diepen", zegt Griet Brosens van het Instituut. 

Screenshot002

Hoe hebben ze dat aangepakt? Ze hebben een wedstrijd uitgeschreven waarbij het de bedoeling is dat leerlingen een Facebookpagina maken voor een overleden soldaat uit de Eerste Wereldoorlog. Die pagina moeten ze dan vullen met zo veel mogelijk informatie (maar ook filmpjes, foto’s ...) over die ene soldaat. Op het einde van het project worden de mooiste pagina’s beloond met een prijs. Als criteria gelden niet alleen het aantal vrienden, maar ook de kwaliteit van het materiaal dat op de pagina komt en eventuele creatieve acties die de leerlingen voeren. Het Instituut houdt via het profiel “Live Andremember” alle pagina’s bij en reageert er ook geregeld op.

Screenshot001

De resultaten mogen er zijn: er zijn al meer dan 100 pagina’s aangemaakt. Sommige leerlingen worden gecontacteerd door familie van hun soldaat, waardoor de betrokkenheid nog groter wordt. Andere hebben zelfs al een heuse herdenking gehouden van hun soldaat en haalden daarmee de pers. Maar ook het instituut voor Veteranen vaart wel bij de actie: zij hebben nauwe contacten gelegd met  talloze scholen en pedagogen, en zijn door de actie zelfs een samenwerking gestart met hun Canadese evenknie. Bovendien heeft de actie massale persaandacht gekregen, tot in de Washington Post toe. 

Soldaat

Wat zijn volgens ons de succesfactoren van deze campagne? Er is voor elke partij iets ‘te winnen’: de leerlingen maken kans op een prijs én verbeteren ondertussen hun zoek-, communicatie- en sociale mediavaardigheden. Het instituut krijgt dan weer een hele hoop gratis informatie, een sterkere band met zijn doelgroepen en persaandacht. Maar het allerbelangrijkste: het heeft met de actie perfect ingespeeld op de leefwereld van jongeren en heeft begrepen dat sociale media in essentie sociaal zijn.

Nog leuk om te weten: bij het Instituut voor Veteranen werken er twee mensen op dit project: een Nederlandstalige en een Franstalige. "Zij werken weliswaar niet full time aan deze actie, maar toch is een serieuze betrokkenheid nodig om tot een goed resultaat te komen", aldus Griet Brosens. "Zo gaan de medewerkers van het Instituut bijvoorbeeld regelmatig online onder de naam ‘Live Andremember’ om vragen via Facebookchat te beantwoorden, om leerlingen hulp te bieden en om een schouderklopje te geven."

Nog meer weten over deze campagne? Surf dan naar de website van het Instituut voor Veteranen of bekijk de presentatie die Griet Brosens gaf voor de communicatieverantwoordelijken van de federale overheid. In die presentatie vind je ook wat volgens Griet de voordelen en valkuilen van Facebook zijn als platform voor campagnes.  

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Thu, 18 Nov 2010 05:07:00 -0800 Iceland Hour, of toeristen lokken met sociale media in tijden van crisis http://www.openoverheid.nu/iceland-hour-of-toeristen-lokken-met-sociale http://www.openoverheid.nu/iceland-hour-of-toeristen-lokken-met-sociale

 Op 13 juni 2010 gingen IJslanders om 13 uur lokale tijd massaal online om hun land te promoten tijdens het zogenaamde Iceland Hour. Na de vulkaanuitbarsting van de Eyjafjallajökull en de financiële crisis kon het imago van het land best een boost gebruiken.Over het hoe en waarom van deze campagne praat Open overheid nu met pr-verantwoordelijke Inga Hlín Pálsdóttir van Islandstófa, dat toerisme in IJsland promoot.

 

Open overheid nu (OON): Wat deden jullie precies?

Inga: We zetten de website Inspired by Iceland op en moedigden de mensen ook via campagnes op radio en tv aan om op 13 juni online te gaan en hun vrienden te vertellen wat er allemaal zo fantastisch is aan IJsland. Tijdens het Iceland Hour toonden we op de website een documentaire over hoe IJsland mensen inspireert. Die documentaire werd alleen al tijdens dat ene uur door 100.000 mensen bekeken. Daarnaast was er een promofilmpje dat je met je vrienden kon delen. Dat is al meer dan 1 miljoen keer van onze website gedownload. Uit een bevraging achteraf bleek dat een derde van de respondenten het filmpje op een of andere manier aan anderen bezorgd had. 

 

OON: Gebruikten jullie ook Twitter en Facebook?

Inga: We hebben onze eigen Twitter en Facebookpagina. De campagne zorgde op Twitter voor 5 miljoen tweets over IJsland. Helaas hadden we niet de tijd om een tool te maken om de respons op Facebook te meten. Enkele collega's en ik deelden het filmpje daar en nu nog zie ik het soms terugkomen in mijn feed. Uit de bevraging bleek ook dat een derde van de mensen die het filmpje verspreidde daarvoor Facebook gebruikte.

 

OON: Passen jullie de website nog aan?

Inga: Intussen heeft onze website nog extra features, zoals een webcam op Austurvöllur, het plein voor het parlement en aan Gulfoss, onze populairste waterval. Dat is enorm duur, maar wordt heel veel aangeklikt. 

Daarnaast kunnen mensen nog steeds op onze website getuigen over wat zij van IJsland vinden en hoe het hen inspireert. Zelf posten we geregeld filmpjes van bekende mensen die uitleggen wat zij leuk vinden aan IJsland. Zo hadden we onder meer Yoko Ono, acteur Viggo Mortensen en filmmaker Terry Jones, bekend van Monty Python. 

 

OON: Waarom deze campagne?

Inga: Na de uitbarsting van onze vulkaan Eyjafjallajökull annuleerden mensen massaal hun reis naar IJsland. Het zag ernaaruit dat we in de zomer van 2010 22 % minder toeristen gingen hebben dan normaal. We moesten dus iets doen, want onze vliegmaatschappijen en toeristische bedrijven, onze belangrijkste partners, maakten zich zorgen. Na de financiële crisis vreesden ze dat nieuwe problemen hen in moeilijkheden zouden brengen. We liepen al langer met het idee rond om een campagne als deze te doen, maar onze stakeholders, zo'n 80 bedrijven, waren er nog niet klaar voor. Deze nieuwe crisis deed hen van gedachten veranderen. Op negen dagen tijd was de campagne klaar en onze website online. Het parlement gaf zijn goedkeuring in die tijd. Normaal gaat dat allemaal zo snel niet, maar nood breekt wet.

 

OON: Welke doelen hadden jullie?

Inga: We wilden mensen tonen dat IJsland en zijn inwoners inspireren en dat wij uniek zijn door onze cultuur en onze landschappen. Daarnaast wilden we ook enkele mythes de wereld uit helpen. Heel wat mensen dachten dat IJsland volledig met as bedekt is intussen, maar dat is dus niet zo. Bovendien geraak je vlot hier en kosten hotels niet meer dan ergens anders in Europa.

 

OON: Wat was het resultaat?

Inga: We konden de schade enorm beperken. Er kwamen maar 0,6 % minder toeristen in vergelijking met 2009. En daar zijn we trots op!

 

Je vindt Inspired by Iceland ook op Twitter en Facebook

 

Veerle Van den Broeck

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Fri, 29 Oct 2010 07:20:00 -0700 Internationaal ondernemen stimuleren met sociale media: een kijkje bij FIT http://www.openoverheid.nu/31913912 http://www.openoverheid.nu/31913912

Een van de grote voordelen van sociale media is dat je kunt converseren met heel specifieke doelgroepen. Flanders Investment and Trade, of kortweg FIT, is een agentschap van de Vlaamse overheid dat zulke doelgroepen heeft. FIT moet het internationaal ondernemerschap van Vlaamse bedrijven bevorderen en buitenlandse investeringen aantrekken naar Vlaanderen. Daarvoor richten ze zich vooral op ondernemers en bedrijven, maar werken ze ook samen met experts en andere overheden dan de Vlaamse. 

Sinds 2 maanden is FIT aanwezig op Twitter en op LinkedIn, en wij wilden wel eens weten wat hun eerste bevindingen zijn. Daarvoor spraken we met Steffi Van Severen, Marketing & Knowledge Management Coordinator. 

Steffi

Open overheid nu (OON): Waarom zijn jullie eigenlijk met sociale media begonnen?

Steffi Van Severen, FIT: Sociale media zijn een belangrijke maatschappelijke trend. De interactie die je bij de sociale media ziet is er om te blijven. Een groot deel van onze doelgroep zit bovendien vaak in het buitenland en heeft een smartphone; communicatie via sociale media is dan gewoon handig.

Voor ons is dat een enorme kans, want wij willen niet liever dan direct communiceren met onze doelgroepen: via sociale media kunnen we horen wat onze klanten willen en wat hun ervaringen zijn. Zo kunnen we onze dienstverlening verbeteren. 

De inzet van sociale media past heel goed bij onze strategie. Wij beschouwen ons agentschap als een platform om kennis over internationaal ondernemen uit te wisselen. Die kennisdeling is een van de belangrijkste doelstellingen van FIT. En sociale media lenen zich daar perfect toe. 

 

OON: Welke eerste stappen hebben jullie dan gezet?

Steffi: We zijn eerst gaan kijken naar goede voorbeelden. In ons geval was dat UK Trade & Invest, zeg maar de Britse FIT. Daar hadden ze al veel ervaring met sociale media. Ik heb daar inspiratie opgedaan en vooral veel vragen gesteld. Daarna ben ik naar onze gedelegeerd bestuurder gestapt. Die heb ik ervan overtuigd dat er voor ons heel wat opportuniteiten zijn in sociale media.

Ons volledige marketingteam heeft dan een workshop over sociale media gevolgd. We hebben ons afgevraagd welke sociale media voor ons interessant zouden kunnen zijn. 

 

OON: En? Wat was het resultaat?

Steffi: Wij hebben vooral veel content en nieuws, en daarom vonden we Twitter een goed medium. Daarnaast willen we ook een diepgravendere dialoog met onze klanten en met experts. Daarvoor vonden we LinkedIn het beste medium.

Wereldwijs_oktober_20101

OON: Hoe gebruiken jullie die kanalen?

Steffi: Twitter zien we als ons nieuwskanaal: we tweeten er over onze acties en publicaties, over interessante handelsvoorstellen, zakenopportuniteiten en marktstudies. We hebben er ook live bekend gemaakt wie de Leeuw van de Export gewonnen heeft (nvdr: dat is een wedstrijd die FIT ieder jaar organiseert).

Op LinkedIn praten we met onze doelgroepen. We zien onze LinkedIngroep als een kennisplatform. Mensen kunnen er vragen stellen, bijvoorbeeld “Hoe vind ik een distributeur in Duitsland?”. De antwoorden komen zowel van ons als van de andere leden van de groep. We gaan er binnenkort ook op zoek naar getuigenissen voor ons magazine Wereldwijs, en verwijzen in het magazine naar onze sociale media, waardoor er een wisselwerking ontstaat. 

 

OON: Waar gaan jullie in de nabije toekomst aan werken?

Steffi: We zouden meer interactie willen op LinkedIn. Maar daarvoor moeten we bij ons intern eerst een aantal stappen zetten. We zien namelijk dat onze organisatie nog niet helemaal klaar is voor 100% interactie. De wil is er wel, maar je moet ook snel genoeg zijn om vragen te beantwoorden. Dat is niet evident bij ons, omdat veel mensen regelmatig in het buitenland zitten voor economische missies of beurzen.

Er is dus nog wat werk aan de winkel: procedures vastleggen, afspraken maken, ... zodat we in de toekomst een snel en accuraat antwoord kunnen geven op vragen die via sociale media binnenkomen. 

 

OON: Hoe meten jullie het resultaat van jullie inspanningen?

Steffi: Uiteraard doen we aan social media monitoring. We checken dagelijks wat er allemaal over FIT en over onze thema’s gezegd is. Verder doen we ook tracking van onze clicks via bit.ly, en volgen we ons aantal followers en unfollowers op. 

Resultaten zijn bij ons natuurlijk niet meetbaar in concrete cijfers zoals pakweg verkoopcijfers. Maar de feedback die we krijgen van onze klanten is een ongelooflijke meerwaarde. Zo hebben we onder andere een discussie over onze diensten gehad, met een klant die wel positief was maar tegelijk ook wat kritiek uitte. We zagen dat enkele andere klanten het daar voor ons gingen opnemen en die kritiek beantwoordden. Niet dat kritiek een probleem is: als er echt een probleem is, komen we het te weten en kunnen we er iets aan doen. 

 

OON: Zijn er tips die je kunt meegeven met onze lezers?

Steffi: Voldoende content vinden voor sociale media is voor ons niet echt een probleem. Wel hebben we ondervonden dat je wat je brengt op sociale media moet inplannen, net zoals je de inhoud van een personeelsblad lang op voorhand inplant. We zijn nu dus bezig aan een ‘contentplan’ voor volgend jaar, met daarin enkele mijlpalen waar we zeker aandacht aan moeten besteden. 

Voor dit alles worden we begeleid door een communicatiebureau dat advies in sociale media geeft. Die toets met specialisten komt toch wel van pas. 

 

Meer weten? Je kunt Steffi mailen op steffi.vanseveren@fitagency.be.

 

 

Tim Vanheers

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Mon, 25 Oct 2010 07:07:00 -0700 Open koffie 21 oktober: presentatie en foto's http://www.openoverheid.nu/open-koffie-21-oktober-presentatie-en-fotos http://www.openoverheid.nu/open-koffie-21-oktober-presentatie-en-fotos

We waren blij om een talrijk publiek te mogen verwelkomen op onze eerste open koffie. Jan Seurinck vertelde er over zijn ervaringen en gaf ons heel wat tips mee. Hieronder vind je Jans presentatie en een paar foto's die ons vriendelijk bezorgd werden door Paul De Ligne (waarvoor dank!).

 

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Wed, 06 Oct 2010 13:00:00 -0700 Open data en de overheid: een mooie combinatie? http://www.openoverheid.nu/open-data-en-de-overheid-een-mooie-combinatie http://www.openoverheid.nu/open-data-en-de-overheid-een-mooie-combinatie

Wat is dat nu eigenlijk, “open data”? Het is een begrip dat steeds vaker gebruikt wordt, en dan nog met zo veel vanzelfsprekendheid dat je niet meer verder durft te vragen. In de kern gaat het erom dat iedereen die dat wil, toegang heeft tot de data uit jouw databases zodat ze die vrij kunnen hergebruiken.

Open data, wat levert dat op?

Waarom zou jij je kennis en data openzetten, en wat kunnen mensen daar nu mee doen? In het fictieve voorbeeld hieronder stellen we een website voor, mijnbuurt.be, die informatie uit publieke bronnen haalt en die je kunt gebruiken als je een huis koopt.

“Een nieuw huis vinden, dat is al moeilijk genoeg. Maar hoe is de buurt, en vind ik wel een goede school voor mijn kinderen? Gelukkig schiet mijnbuurt.be te hulp. Het eerste huis dat we op het oog hadden, valt snel af: aan het bestemmingsplan en alle bouwvergunningen te zien, wordt die buurt een bouwwerf de komende jaren. Gelukkig staan al die plannen op een overzichtelijk Google Maps kaartje. Eens kijken naar het andere huis. Dat ziet er beter uit: voorlopig geen grote bouwplannen. Er is wel behoorlijk wat criminaliteit. Gelukkig zie ik op de kaart dat die zich verderop concentreert – als ik doorklik op die gegevens, dan blijkt ze bovendien de laatste jaren flink te zijn afgenomen. Ik voeg de scholen toe aan mijn kaartje: dat ziet er goed uit! Veel scholen op loopafstand, maar zijn ze wel goed? Ik lees er eens de waarderingen van ouders, en de inspectierapporten op na. De meeste scholen lijken wel goed, maar de Rozenboom steekt er toch bovenuit. Ik klik zo door naar de site van de Rozenboom, en zie waarom: dat ademt sfeer. Al met al de moeite om eens te gaan kijken; ik bel de makelaar op…”

Je ziet: door open data bronnen te gebruiken kan iedereen heel burgervriendelijke applicaties gaan bouwen.

Open data is misschien wel het meest “hot” in openbaar vervoer. Dat werd in België goed duidelijk bij alle ophef over www.irail.be. Die mobiele treinplanner werd gemaakt op het moment dat de NMBS nog geen mobiel aanbod had. De ontwikkelaars van irail.be gebruikten de data van de site van de NMBS. De NMBS kon dat niet waarderen en eiste de stopzetting van irail.be. De makers hebben hier een overzicht van alle persaandacht gezet. De Londense openbaar vervoermaatschappij kiest een volledig andere benadering: in juni 2010 hebben ze daar alle beperkingen op commercieel hergebruik van haar open data opgeheven.

De volgende film van Streetfilms laat heel beeldend zien wat je kunt doen met open data in het openbaar vervoer:

 

A Case for Open Data in Transit van Streetfilms op Vimeo.

Uitvinder www pleit voor open data

Tim Berners-Lee, de uitvinder van het “world wide web”, beschouwt open data als de volgende stap in de ontwikkeling van internet. Door zijn uitvinding kon je in ieder on line document (webpagina) links leggen naar oneindig veel andere documenten. Zo werd het world wide web geboren, een van de grote technologische doorbraken van de 20e eeuw. Nu wil Berners-Lee de stap zetten naar het on line publiceren van ruwe data, volgens een vaste standaard. Net zoals je links kunt leggen tussen internetpagina’s, kunnen ook gegevens uit verschillende bronnen aan elkaar geknoopt worden. Om twee databases te linken, hoeven ze maar één ding gemeen te hebben, bijvoorbeeld een locatie. De fictieve site mijnbuurt.be linkt bijvoorbeeld bouwvergunningen aan kwaliteitsgegevens van scholen, alleen maar omdat die twee een geografische aanduiding gemeen hebben.

Wanneer velen hun data in ruw formaat online beschikbaar stellen wordt het voor ontwikkelaars en handige gebruikers mogelijk om deze met behulp van een aantal tools aan elkaar te koppelen. Op dat moment maken ze 'een mashup' : daarbij worden de gegevens gecombineerd - vaak op manieren die de originele eigenaars niet hadden kunnen bedenken. Het doel van zo'n mashup is dat geïnteresseerden die nieuwe gecombineerde data dan kunnen gaan exploreren. Dat gebeurt vaak met mooie grafische visualisaties zoals ingekleurde landkaarten of interactieve diagrammen.
In een inmiddels legendarische presentatie op een TED-conferentie in februari 2009 liet Tim Berners-Lee zijn publiek scanderen: “raw data now!”:

Tim Berners-Lee refereert aan de neiging van veel overheden tot “database-hugging”: ze houden krampachtig vast aan hun database totdat ze er zelf een mooie website mee hebben gemaakt. Berners-Lee zegt: maak vooral die mooie website, maar geef ook de achterliggende data vrij. Het publiek heeft daar recht op – ze hebben er met belastingen immers zelf voor betaald.

Een jaar na die presentatie zijn er al veel meer voorbeelden van open data. In februari 2010 geeft Tim Berners-Lee daarvan een aantal voorbeelden, opnieuw bij TED. Zo laat hij zien hoe de hulpverlening na de aardbeving in Haiti enorm werd geholpen door open data.

Open data in Vlaanderen

Iedere overheid ter wereld heeft ontelbaar veel databases met geografische gegevens, zorg- en onderwijsdata, data over mobiliteit en openbare ruimte, noem maar op. Traditioneel werden die data gebruikt om de uitvoering van het beleid te bewaken of om nieuw beleid op te baseren. In veel gevallen verzorgt de overheid ook de presentatie van die data naar de buitenwereld. Soms verschijnt die gefilterd in een jaarverslag en soms wordt die gepresenteerd op een website.

Veel van die databronnen zijn losstaande silo’s: hier staat een reistijdentabel, daar staan inspectiegegevens en weer ergens anders vinden we financiële informatie. Toch is er vaak wel ergens een overlap tussen die gegevens. De meeste databronnen bevatten bijvoorbeeld geografische informatie. Die gedeelde informatie kan gebruikt worden om gegevens uit verschillende bronnen aan elkaar te koppelen, zoals gebeurt bij mijnbuurt.be.

Als overheid kunnen we natuurlijk proberen om dat soort verrijkte sites zelf te maken. Maar het is al niet eenvoudig om een project op touw te zetten om de datasilo’s uit één overheid aan elkaar te koppelen. Stel je eens voor hoe veel overlegrondes er nodig zouden zijn om “mijnbuurt.be” te maken: je zou informatie moeten combineren van misschien wel vier overheden: Vlaams, federaal, provinciaal en gemeentelijk. En dan bestaat er ook nog de mogelijkheid om data uit allerlei andere nationale en internationale bronnen te gebruiken. Dat zou kunnen leiden tot ongelooflijk ingewikkelde bestuurlijke processen.

Wat kan de meerwaarde van open data dan zijn voor de overheden in Vlaanderen? Op de eerste plaats geeft het ons de mogelijkheid om relatief gemakkelijk waardevolle informatie ter beschikking te stellen aan de samenleving. Innovatieve burgers en bedrijven kunnen die informatie combineren met informatie uit andere bronnen en zo extra waarde creëren. Denk eens aan een hypothetisch voorbeeld als mijnzwemwater.be met gegevens over waterkwaliteit, het weerbericht en de getijden. De combinatie van die informatie is veel waardevoller dan wanneer ze nog apart zit (als je wil gaan zwemmen tenminste).

Op de tweede plaats kan open data bijdragen aan de transparantie van de overheid. Een voorbeeld is http://www.recovery.org. Alle gegevens over de bestedingen van het Amerikaanse budget voor herstelmaatregelen na de crisis zijn publiek. Zo kan de overheid ook werken aan het vergroten van het draagvlak voor beleid.

Ten slotte kan open data bijdragen aan de efficiëntie van de overheid. Het is namelijk best mogelijk dat we in de toekomst toe kunnen met een kleiner aantal overheidswebsites, omdat anderen een betere presentatie van de overheidsdata maken dan we zelf kunnen.
Op 17 december organiseert de Vlaamse overheid een maatschappelijk debat over open overheid en ICT. Open data is een van de hoofdthema’s in dat debat. In aanloop naar 17 december kan iedereen meedoen aan dat debat op www.i-vlaanderen.eu. Laat daar ook van je horen!

Godfried Knipscheer (www.twitter.com/godje)

Interessante links

Definities van open data
http://en.wikipedia.org/wiki/Open_science_data
http://en.wikipedia.org/wiki/Open_government
Officiële statements over het gebruik van open data
http://www.whitehouse.gov/the_press_office/Transparency_and_Open_Government
http://data.london.gov.uk/blog/boost-londons-software-developer-community-and-smes-tfl-lifts-all-restrictions-commercial-reuse
Sites met publieke open data
http://www.data.gov
http://data.gov.uk
http://www.opengov.se/sidor/english
http://data.worldbank.org
http://www.openbelgium.be
Iets technischer
http://www.w3.org/DesignIssues/GovData.html

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Mon, 04 Oct 2010 03:07:00 -0700 Denk mee over een interactieve Vlaamse overheid http://www.openoverheid.nu/wat-denkt-u-over-een-interactieve-vlaamse-ove http://www.openoverheid.nu/wat-denkt-u-over-een-interactieve-vlaamse-ove

Op de website i-vlaanderen kunnen burgers en bedrijven, maar ook collega’s discussiëren over de Vlaamse overheid en interactiviteit”, vertelt Marijke Verhavert van het Departement Bestuurszaken. “We willen weten wat leeft rond dit thema. Blogposts, artikels, polls en opiniestukken moeten de dialoog aanwakkeren. Iedereen kan zijn eigen ideeën en verwachtingen lanceren.”

“We willen via de website een aantal dingen te weten komen. Hoe kan de Vlaamse overheid dankzij interactiviteit, internet en ICT komen tot een efficiëntere en effectievere dienstverlening? Willen burgers en bedrijven online kunnen meepraten over overheidsplannen? Zien zij overheidsgegevens als een goudmijn? De resultaten nemen we mee naar een dag rond de Vlaamse overheid interactief, die kadert in het deelluik Slagkrachtige overheid van het toekomstproject Vlaanderen in Actie.”

(met dank aan de redactie van personeelsblad 13 van de Vlaamse overheid)

Godfried Knipscheer

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu
Tue, 28 Sep 2010 04:58:00 -0700 Kom jij ook naar onze eerste open koffie? http://www.openoverheid.nu/kom-jij-ook-naar-onze-eerste-open-koffie http://www.openoverheid.nu/kom-jij-ook-naar-onze-eerste-open-koffie

Open overheid nu organiseert voor de eerste keer een open koffie. Dat is een korte, informele meeting voor iedereen die geïnteresseerd is in het onderwerp ‘overheid en sociale media’. Eigenlijk zouden we het 'open broodjes' moeten noemen, want we doen het tijdens de middag en met broodjes. Maar open broodjes klinkt een beetje vreemd, vandaar dus open koffie. Als je deze blog leest en interessant vindt, ben je zeker uitgenodigd. 

Wat staat er op het programma?

We hebben Jan Seurinck, communicatiemedewerker bij het VIOE en De Kogge en een bekende blogger, uitgenodigd om zijn ervaringen te delen. Bij het VIOE zetten ze al een tijdje zwaar in op communicatie via sociale media, en Jan gaat ons vertellen hoe ze dat aanpakken. Je kunt dus verhalen uit de praktijk en heel wat tips verwachten.

Na de spreekbeurt voorzien we ruim de mogelijkheid om te discussiëren en vragen te stellen. We sluiten af met een broodjeslunch.

Praktisch

De open koffie vindt plaats op 21 oktober, van 11 tot 13u, in het auditorium op het gelijkvloers van het Ellipsgebouw, Koning Albert II-laan 35 in Brussel. Dat is op 10 minuten wandelen van het station Brussel-Noord.

Inschrijven

Jammer genoeg kun je je niet langer inschrijven, we zijn volzet! Blijf zeker Open overheid nu volgen voor het verslag en aankondigingen van volgende open koffies!

 

 

 

Permalink | Leave a comment  »

]]>
http://files.posterous.com/user_profile_pics/488818/VO.jpeg http://posterous.com/users/3snHbRJ5Ae2t openoverheidnu openoverheidnu